KANTOOR     DIENSTEN     NIEUWSBRIEF     CONTACT     LOGIN   
WVR68 Consumentengeschillen oplossen buiten de rechtbank
WVR69 Bestel- en leverbonnen, facturen en rekeninguittreksels gericht aan een consument
WVR70 Registratierechten bij veroordeling: nieuwe regeling sinds 2014
WVR71 Het recht op afpaling en afsluiting van zijn eigendom
WVR72 De inhoudingsplicht in hoofde van opdrachtgevers
WVR73 Wat verhuurders (niet) mogen vragen aan huurders
WVR74 Duur van de woninghuurovereenkomst
WVR75 U merkt gebreken op aan het onroerend goed dat u net kocht
WVR76 Erfrecht bij wettelijk samenwonenden
WVR77 De makelaar is onderworpen aan een strikte wetgeving en strenge plichtenleer
WVR78 Geldt de aanslag van 309% voor restaurantkosten ?
WVR79 Incasso - Debt Collection.
WVR80 Huurschade, met of zonder plaatsbeschrijving ?
WVR81 Frietkot en snackbar geen horeca ?
WVR82 Wie betaalt de makelaar bij verhuur van woning of appartement ?
WVR83 I-depot: eenvoudige en goedkope stap in uw innovatieproces.
WVR84 De nieuwe regeling bij openbare verkopingen.
WVR85 Van éénmanszaak naar vennootschap ?
WVR86 Starters-BVBA: voor- en nadelen
WVR87 Bevrijding zaakvoerder-borgsteller na faling
WVR88 Steun aan onbereikbare handelaars
WVR89 Overname van een vennootschap
WVR90
WVR92 De gevolgen van de nieuwe regels betreffende oneerlijke handelspraktijken op reclame en promotietechnieken.
WVR93
WVR94
WVR95
WVR96 Kan een sociaal-economische vergunning vervallen ?
WVR97 Fiscaalvriendelijke ontbinding van een 'compromis' bij de aankoop van een onroerend goed.
WVR98 Is Uw handelsnaam beschermd ?
 
WVR68 Consumentengeschillen oplossen buiten de rechtbank
 

Een geschil kan ook buiten de rechtbank opgelost worden


Elke consument, eender welke klacht hij heeft, kan zich volgens het Europees recht richten tot een instantie voor alternatieve geschillenbeslechting.


 


De regering keurde een wetsontwerp m.b.t. de buitengerechtelijke regeling van consumentengeschillen goed (ADR). Hiermee komt men tegemoet aan de Europese verplichting om ervoor te zorgen dat (vanaf juli 2015) elk geschil tussen een Europese consument en een Belgische onderneming aan een ADR-entiteit kan worden voorgelegd. 


Zo’n ADR-entiteit is een neutrale en deskundige derde die de partijen in een geschil helpt om tot een oplossing te komen zonder de tussenkomst van een rechter. ADR is vrijwillig. Er is geen verplichting voor de consument, noch voor de onderneming. Op dit moment bestaan er in België al een heel aantal ADR-entiteiten, bv. de Ombudsman van de verzekeringen, Ombudsfin (voor de banken), geschillencommissie Meubelen, … maar niet in elke sector en dus niet voor elk geschil.


Het wetsontwerp voorziet in de oprichting van een consumentenombudsdienst, bevoegd voor elk consumentengeschil waarvoor er in België geen andere door de FOD Economie erkende ADR-entiteit bestaat. De bestaande ombudsdiensten van de telecom-, de post-, de elektriciteits-, de trein-, de banken-, de meubel- en de verzekeringssector worden, met behoud van autonomie, in deze structuur geïntegreerd. Deze dienst zal ook functioneren als een unieke toegangspoort voor elke aanvraag tot ADR, een 'front office'. Als er echter al een andere erkende ADR-entiteit bestaat, zal de functie van de consumentenombudsdienst zich beperken tot een doorverwijzing.


Specialisten onderstrepen dat de eerste en belangrijkste manier om een conflict op te lossen het rechtstreeks overleg tussen consument en onderneming blijft, bv. via diens interne klachtendienst. Vandaag de dag al worden immers meer dan 90% van de problemen zo opgelost. Als door dit rechtstreeks contact toch geen aanvaardbare oplossing kan worden gevonden, dan is een doeltreffende en billijke ADR een beter alternatief dan een gerechtelijke procedure. ADR is immers flexibeler, minder formeel, sneller en in vele gevallen goedkoper.


Het is dan ook een goede zaak dat de regering met dit wetsontwerp haar vertrouwen in ADR bevestigt. Het is echter te betreuren dat het wetsontwerp in geen verplichting voor de consument voorziet om eerst rechtstreeks contact met de onderneming op te nemen, vooraleer een geschil aan de consumentenombudsdienst voor te leggen. Ook de toekenning van verregaande onderzoeksbevoegdheden aan deze dienst (bv. de onderneming vragen om bepaalde documenten voor te leggen), is voor het vele ondernemers een brug te ver.